Het Belang van Een Missie

“TRRRRING DONG!” Deed de deurbel (onze deurbel gaat erg hard).

Ik ren in mijn pyjama naar de deur. Was het dat pakketje dat gisteren al aan had moeten komen? Joepie!

Vol verwachting klopt mijn hart, gooi ik de deur open…

Wat zie ik? Ik zie een wat oudere vrouw met een jongere man. Beide in een outfit die niet uit deze eeuw stamt. Misschien hebben ze mijn artikel over altijd dezelfde kleding dragen wat TE serieus genomen?

Zijn dit nou mijn lezers?

“Goede morgen” zegt de oudere vrouw.
“Uh, goede morgen”. Antwoord ik.
“Mag ik u wat vragen?”
“Ja?”
“Denkt u dat God van u houd?”

Shit, dat klinkt niet als Postnl. Het zijn de Jehova getuigen.

Het is een heftige vraag zo op de zaterdag ochtend. Extra heftig omdat ik in me pyjama sta en iets heel anders had verwacht. Ik kan ze natuurlijk gaan vertellen dat ik meer leun naar het zen boeddhisme en dat in het zen boeddhisme er vanuit word gegaan dat als er een God zou zijn dat jij dat zelf al bent (want wie anders?) en dat bla bla bla…

Ik kijk de vrouw aan en beantwoord haar vraag luidkeels:
“Ja! God houd van mij! Want ik ben God!”

Ze kijkt me verbijsterd aan. Dat antwoord stond niet in het boekje.
“Weet u dat zeker?” Vroeg de vrouw twijfelend. De jongere man keek wat nors maar klonk als een vriendelijke hommel:
“Hmmmmmmmmmmmmmmmmm”

“Ja dat weet ik zeker. God houd heel veel van mij”.

Stilte…

“Wilt u misschien ons tijdschrift aannemen?”

Ahhhh, het tijdschrift De Wachttoren. Het is het blad dat de Jehova gebruikt om de missie te verspreiden. Ze willen het je graag overhandigen.

Ik ken iemand die bij de Jehova’s heeft gezeten en ik weet van hem dat er een hele lijst, een hele database bestaat waarin staat beschreven bij wie ze langs zijn geweest. Wie de deur opende en wie het blad heeft aangenomen. Als je het blad hebt geaccepteerd dan kan je dus snel weer een bezoekje verwachten.

“Dank u vriendelijk. Lief van u, maar ik heb geen interesse”. God kent het woord van God natuurlijk al.
“Ok. Jammer. Ik dank u vriendelijk voor het gesprek en we wensen u nog een fijne dag toe”. zei de vrouw.
De hommel was geland, want de man klonk:
“Hmmm….”

“U ook bedankt, en veel succes met uhh, met uw… missie? Tot over twee maanden he!”

Ik noteer dat ze geweest zijn.

De missie

Toen ze weg waren had ik het er met Iris over dat het best een moeilijke taak is om zo langs de deuren te gaan.

Wij wonen in een flat met ongeveer honderd gezinnen en die gaan ze waarschijnlijk allemaal af. Ik heb zo een vermoeden dat ze niet overal met open armen worden ontvangen. Misschien word er zelfs wel naar ze gesnauwd. Misschien word de deur wel dichtgegooid voordat ze iets kunnen zeggen.

Misschien krijgen ze te maken met fysiek geweld?

Zou het ooit zover komen?

Wees gerust, dit zal niet snel gebeuren in huize Tienhooven. Integendeel.

Ik heb namelijk best veel respect voor mensen die in weer en wind de straat op gaan om hun missie voort te zetten. De missie van de Jehova is niet mijn missie. Ik bewandel een ander pad. Maar het feit dat ze voor iets staan in het leven vind ik motiverend om te zien. Als ik zulke mensen ontmoet zet het me altijd aan het denken hoever ik durf te gaan voor mijn missie.

Heb ik de ballen om door te zetten als ik duizend keer nee te horen krijg? Zet ik door wanneer het echt moeilijk word?

De Jehova zet door. Zelfs als zo een kleine kale snotaap aan de deur beweert dat hijzelf God is.

Go for it

Gandhi heeft jaren lang, meerder keren in de gevangenis gezeten. Opgesloten door de Britten. Eenmaal vrij ging hij weer verder met zijn missie om vervolgens weer in de gevangenis te belanden.

De Dalai Lama is lang geleden gevlucht voor de Chinese communisten. Hij word, in de ogen van de Chinese regering, gezien als een terrorist. Vanuit India zet hij door. Geert Wilders, de leider van de Partij van de Vrijheid, geniet al tien jaar niet meer van vrijheid. Maar toch zet hij door…

Ho ho… Wacht even Percy.

Stop.

Noem je nu echt de Dalai Lama EN Geert Wilders in één zin?

Ja!

Voor dit artikel maakt het eens een keer NIET uit WAT de missie is. Zet je er even overheen. Wat nu even van belang is is dat deze mensen een missie hebben. En dat koste wat het kost ze ergens voor gaan. Door weer en wind.

Bijna dertig jaar eenzame opsluiting op Robbeneiland (Gevangenis in Zuid Afrika) kon Nelson Mandela ook niet stoppen toch? Hij is alsnog president geworden. Waarom? Omdat hij geloofde in zijn missie.

Zoals je misschien gelezen hebt gaat deze site over “hoe minder geleefd te worden”. Maar naar mijn idee kan dat pas als je weet waarvoor je leeft. Als je weet wat jou missie op deze aardkloot is. Zodra je dat weet, dan kan je pas beginnen met het maken van concrete plannen en zullen tegenslagen geen tegenslagen meer zijn.

Gandhi gaat op reis

Een leven leiden met een missie is zoals goed voorbereid op vakantie gaan.

Als we op vakantie gaan dan stappen we namelijk ook niet als kip zonder kop in de auto om te zien waar we belanden. Beetje links, beetje rechts, beetje rechtdoor. Voor je het weet sta je weer voor je eigen huis! Als we op vakantie gaan hebben we een duidelijk plan van waar we heen willen. En ook al heeft de trein waarmee we reizen vertraging, ook al vertrekt je vliegtuig een paar uur te laat, we duwen onszelf door de ellende heen. We besparen koste nog moeite om op onze bestemming te komen.

Als we op vakantie gaan zijn we plots allemaal een Gandhi.

Dan wel ;).

Als je niet weet waar je heen wilt, wat je missie is, dan is het lastig om een goed plan te maken. En zodra je geen plannen hebt, zullen andere mensen plannen voor je gaan verzinnen. Zo loop je altijd achter de feiten aan en zal er uiteindelijk maar één gedachte door je hoofd slingeren:

“Shit zeg, het lijkt wel alsof ik geleefd word!”

Hoe vind je je missie?

Dat is een vraag die veelal terug komt. Er is zelfs een hele industrie genaamd “Persoonlijke Groei” ontstaan om deze vraag te beantwoorden.

Misschien hoort deze site daar ook wel bij? Zou zo kunnen.

Maar ik moet je teleurstellen. Ik kan het je niet vertellen. We zijn namelijk allemaal anders. Ieder heeft zo zijn eigen weg te gaan. Het enige wat ik kan doen is mijn ervaring met je delen en hopen dat je er inspiratie uit haalt om het hier en daar bij jezelf toe te passen.

Daarom wil ik je in het kort vertellen hoe ik erbij ben gekomen om te doen wat ik nu doe.

Mijn missie

Na een aantal dingen geprobeerd te hebben om mijn missie, mijn ding te vinden kwam ik tot de meest stomme, maar zeer belangrijke realisatie:

Ik wist het eigenlijk al.

Maar om dat echt te zien heb ik mezelf in aardig wat gekke bochten moeten wrikken. Dit was naar mijn idee nodig omdat een aantal zaken de boel zo vertroebelde dat ik niet meer door had wat echt van belang was. Voeding, levensstijl, hobby’s, vrienden, omgaan met mijn handicap, het was een heel pakket wat aandacht nodig had.

Een van de dingen die ik als een groot obstakel zag was mijn carrière. Iets waar ik dag en nacht mee bezig was. Mijn kindje: Het maken van video en animatie films voor voornamelijk de reclame industrie. De mensen (de creatievelingen) waarmee ik dagelijks contact had zijn geweldige mensen. Maar ik begon steeds minder waarde te zien in het maken van weer een reclame film.

Zit de wereld echt te wachten op meer reclame?

Reclames maken is niet waarom ik ben begonnen met het maken van animatie films. Ik ben ooit op mijn zoldertje (Pappa en mamma bedankt!) begonnen met filmpjes maken omdat ik het bijzonder leuk vond om een verhaaltje te vertellen. Doormiddel van computer animatie kon ik in een leuke, happy stijl mijn verhaal vertellen. Als mensen dan even konden lachen, even de ellende vergaten dan was het goed. Lekker luchtig.

Lekker onschuldig.

Wat ik op het laatst deed, mee werken aan het maken van reclames, was exact het tegenovergestelde. Naar mijn idee zijn het veelal projecten met een zeer korte termijn visie, vaak wel leuk verpakt (mooie effecten, leuke grapjes, mooie dames), maar zijn ze niet heel inspirerend.

Het is alsof je in één keer een zak chips naar binnen werkt.

Los van het feit dat ik het niet heel inspirerend werk vond kreeg ik ook steeds meer moeite met de leugens die verteld werden in de reclame wereld. Ik hoef ze niet aan te stippen, we kennen ze allemaal.

Film maken is een vorm van kunst. Maar als je kunst creëert dan wilt iedereen er zich plots mee bemoeien. Vooral als je werkt in een collectief en in een wereld waar de klant koning is. De ene keer moet het poppetje rood zijn zegt de klant. Een dag later moet het poppetje weer groen zijn. En als die groen is dan moet hij weer rood zijn. Maar een echte kunstenaar werkt met zijn hart.

Hij heeft geen klant nodig voor commentaar:

“He van Gogh, moet je eens horen”. zegt de klant tegen Vincent van Gogh.
“Leuk dat je je oor hebt afgesneden om je eigen bloed te gebruiken voor de kleur rood, maaruh, kan die bloem niet groen worden? Staat veel leuker joh.”
“Ow en klein dingetje nog.. het budget gaat door de helft. Geen probleem toch? Het is toch je hobby?”
“TOP! Zie je morgen 8 uur in de ochtend. Dan moet dat schilderij wel eens een keer af zijn hoor.”

Zo gaat het er een beetje aan toe in de creatieve wereld…

Ik had niet het idee dat we er allemaal veel beter van werden. Het leverde zelfs veel stress en gezeik op. Voor ons als creatieveling maar ook voor de klant.

Zolang er levens op het spel staan is het die stress meer dan waard.

Maar al die ellende voor een reclame?

Nu wil ik niet iedereen verdommen die in de reclame wereld zit. Veel van mijn vrienden zitten in dat wereldje. En dat is goed. Maar het is gewoon niet iets voor mij. En daarom ben ik opzoek gegaan naar een andere manier hoe ik het beste mijn verhaal kan vertellen. Een manier zonder dat daar een heel team voor nodig is. Ik geloof in samenwerking, alleen kom je er niet, maar bij sommige dingen moet je iemand zijn gang laten gaan en vooral niet in de weg gaan zitten.

Schrijven is voor mij de meest simpele, direct uit het hart, straight in the face, goedkoopste EN eerlijkste manier om te doen wat ik oorspronkelijk wou doen: Een verhaal vertellen.

Hoe ik daar een centje aan kan verdienen? Geen idee.
Hoe ik dat combineer met mijn handicap? Geen idee.

Wat ik wel weet is dat mensen nu al energie halen uit mijn paar geschreven artikelen. Nu al! Elke dag krijg ik wel een mail met een persoonlijke verhaal. Prachtig! Dat heb ik nog nooit mogen ontvangen bij het maken van een reclame. Het is goed om mijn eigen ego te strelen, maar belangrijker is dat mensen er echt wat aan hebben. Meer dan dat is er niet nodig.

Het is een indicatie dat men het waardeert en dat ik niet alleen ben met het gevoel geleefd te worden. En ondanks dat ik op het moment van schrijven zo ziek ben als een hond, geven die mailtjes me veel energie om toch dit artikel op tijd te versturen (het langste artikel tot nu toe! 2100 woorden).

Waarom?

Omdat ik weet dat jij dit leest. En omdat ik weet dat jij er misschien iets aan hebt.

Daarom.

Dat is mijn missie. Daarvoor doe ik dit.

En dat griepje dat ik heb? Als je echt doet wat je wilt dan zal je zien dat je meer kracht hebt dan je ooit had durven dromen.

 

##
De foto bovenaan dit artikel heb ik gemaakt toen ik een weekje met mijn zen kornuiten in het klooster in Vught verbleef. Dit is op het kerkhof waar sinds 1800 alle fraters begraven liggen. Ze woonde daar, en werden daar begraven.

Fred, die ook mee was naar Vught en mijn inspireerde om dit artikel te schrijven, viel het op dat al deze mensen zich hebben ingezet voor een, naar hun idee, zeer belangrijke missie. Het leven als een broeder.

 

Mijn 5 Favoriete Gewoontes

In de zoektocht naar 'The Good Life' heb ik vijf gewoontes eigen weten te maken die mij enorm geholpen hebben.

Meld je aan voor mijn mailing en ik stuur er iedere dag één naar je toe!

Alvast bedankt voor het delen!