4 Keer Bijna Dood

 

“En en en?” vroeg mijn moeder ongeduldig.
“Is het een jongen of een meisje?”
“Mevrouw, het is een prachtige manneke”. aldus de verloskundige.
“Houd hem maar eens even stevig vast”.

Mijn moeder nam me in haar armen:
“We noemen hem Percy!”

Ik was het eerste monstertje (jaja broertjes en zusjes dat lezen jullie heel goed) die mijn moeder ter wereld bracht.

Het was voor haar de eerste keer dat ze haar eigen kindje kon vasthouden. Een dol gelukkig moment voor een moeder.

Het geluk was van korte duur.

“Beste ouders, kan ik u even spreken?” Onderbrak de arts.

“Percy zal niet meer dan een paar uur te leven hebben.”

Hoppa! Dat is bijna doods ervaring nummer één. Ik zeg dan ook altijd; je kan niet vroeg genoeg met iets beginnen.

 

Spetter pieter pater

Ik kan het nog steeds niet en ik zal het ook nooit kunnen;

Zwemmen.

Door mijn extreme scoliose (verkromming in de ruggenwervel) is het onmogelijk om te blijven drijven.

Ik ben de Titanic van Nieuwegein.

Toen ik op de basisschool zat gingen we elke week naar zwemles. Iedereen. Dus ook de Titanic…

Omdat ik het gewoon echt niet kon, heb ik al die jaren rond gespetterd in bad één.

Je weet wel, dat bad waar je doorheen loopt als je naar het echte bad gaat.

Dat bad waar het water nog lekker warm aanvoelt omdat het zo ondiep is. Daar. Daar zat ik.

In het begin met mijn vrienden, maar al gauw was ik alleen. Mikal, Danny, Pascal en Sylvester waren al snel gepromoveerd naar bad drie.

De badmeester ging ook mee naar bad drie. Daar zaten de meeste kinderen waar hij op moest letten.
“Die Percy, in bad één, daar kon weinig mee gebeuren. Die red zich wel”. Moest hij gedacht hebben.

Voor de zekerheid deed hij me toch een zwembandje om…

titanicDe Titanic (links) druk bezig in bad één

Vaak was ik dus alleen in bad één. Maar vandaag was mijn vader meegekomen. Hij kwam een keer kijken hoe ik daar in mijn eentje in het water zat te… tja wat deed ik daar eigenlijk? Anyway, hij was er.

En zoals elke vader, was hij zeer trots op zijn kromme zoon.

Ik vond het leuk dat hij er was.

Hopeloos probeerde ik alsnog die verdomde schoolslag. Het lukte me niet, wist ik ook wel, maar toch proberen.

“Haha ja het zag er echt heel zielig uit. Maar hij heeft het toch geprobeerd. Een echte Tienhooven!” Zou vader met trots aan zijn collega’s die dag op het werk verteld hebben.

Maar wat ging er mis?

Doordat ik heel mager ben zat die zwemband niet goed vast en schoot die van mijn heup af, zo naar mijn voeten. Daar bleef hij hangen!

Het water was niet heel diep, maar diep genoeg om mij als een omgekeerde dobber in het water te laten bungelen.

Voeten omhoog, hoofd naar beneden.

Een zeer ongelukkige positie om adem te halen.

Ik had niet de kracht om de zwemband tegen te werken of af te trappen. Hij zat vast aan mijn voeten.

De badmeester zag mij niet, die was veel te druk met Mikal en Danny in bad drie.

Na een niet al te lange tijd zag mijn vader mij “dobberen.”

Hij was wel gewend dat alles bij mij anders was, maar deze manier van zwemmen was wel heel… eigenaardig?

Dit was niet goed!

Hij sprong, met kleding en al, het water in en heeft mij naar het droge gebracht.

“Zo joh, vandaag heb ik mijn zoon van de verdrinkingsdood gered!’ Zou hij die dag op zijn werk vertellen

 

Door mijn pubertijd heen geslapen

“Maar is het dan normaal dat hij altijd overal in slaap valt, dokter?” vroeg Erika, mijn stief moeder.

“Nee dat niet. Misschien is hij gewoon moe. Hij heeft immers een klein lichaam en dus weinig energie. En zijn nieuwe studie zal ook wel druk zijn”.

Nee, het had niets met mijn studie te maken, en nee ook niet met mijn kleine lichaam.

Ik had gewoon veel te weinig zuurstof in mijn bloed. Dat was de boosdoener van het constant in slaap vallen.

Doordat mijn verkromde rug zo krom was gegroeid waren mijn longen zo in de beknelling gekomen dat ik veel te weinig zuurstof binnen kreeg om door te leven. Hierdoor liepen de giftige stoffen in het bloed zo hoog op dat ik uiteindelijk zou komen te overlijden.

Maar eerst val je in coma.

Na twee weken in coma gelegen te hebben werd ik wakker op de Intensive Care. Ik keek versuft om me heen. Donders. Waar was ik nu weer beland? Wow, zoveel apparatuur, zoveel tv schermen, zoveel slangen. Dit herkende ik! Het is het Wilhelmina Kinder Ziekenhuis. Het WKZ.

Wat deed ik hier nu weer?

Een paar jaar geleden lag ik daar namelijk ook al. Toen werd ik geopereerd aan mijn ernstig vergroeide scoliose. Een operatie die veertien uur heeft mogen duren en waarvan ik me nog steeds afvraag hoe de chirurg, terwijl ik daar onder narcose lag, dat heeft weten te combineren met zijn lunch pauzes?

Neemt hij zijn eigen bammetjes van thuis mee? Of haalt hij een vette bek bij de friettent op de hoek? Is voor hem ook “vier uur cup-a-soup”? Waar laat hij de as van zijn sigaret?

Vragen vragen vragen…

Anyway, ik was dus voor de tweede keer in het WKZ en ik riep de zuster. Althans, dat probeerde ik. Maar het lukte me niet om enigszins iets fatsoenlijks uit mijn mond te krijgen.

Waarom kon ik niet praten?

Wat was er nou in die twee weken gebeurd; Ik had een tracheostoma gekregen. Dat is een duur woord voor een gat in de keel.

Aan dit gat in mijn keel werd een machine aangesloten die mijn longfunctie totaal overnam.

De lucht die de longen in gaat komt dus niet meer langs de stembanden, en daarom kon ik niet meer praten. Ik was opeens een soort van Stephen Hawkings, alleen een stuk dommer.

De dokter vertelde me dat ik hier niet meer vanaf zou komen, en dat ik uiteindelijk een machine mee naar huis kreeg.

Shit!

mijnmachineMe and mijn eerste beademings machine. Check de bij behorende MEGA ZWARE auto accu van Bosch haha. Gelukkig is de techniek flink vooruit gegaan

Inmiddels heb ik leren leven met de thuis beademing en kan ik heel goed omgaan met een gat in mijn keel. Zodra ik ga slapen moet ik aan de machine, maar overdag kan ik gelukkig zelf ademen.

Door een aanpassing aan de stoma kan ik ook gewoon weer praten. Behalve als ik aan de machine lig dan is het onmogelijk om te praten.

Het zijn juist die momenten die mijn vriendin heerlijk rustig vind…

 

Spetter pieter pater 2.0

“SURPRISE!”

Ik ben niet echt iemand die zijn verjaardag viert, maar dit keer kwam ik er niet onderuit. Mijn vrienden hadden een kleine surprise party geregeld bij Harm thuis, in Amsterdam. Een feest met Harm, Mitko, Vincent, ik en Iris (mijn vriendin).

Het werd een feest om nooit te vergeten.

Harm had die zomer een bootje gekocht en het leek ons leuk om Amsterdam eens vanuit een andere hoek te bekijken.

Vanaf het water.

Het was een prachtige middag, zonnig en een lekker temperatuurtje. Dat is het voordeel van in de zomer jarig zijn. De boot van Harm was klein, maar groot genoeg voor de Amsterdamse grachten. Het water was er heerlijk rustig.

Het water was minder rustig op het IJ.

Dat is dat water waar de cruise schepen ook varen. Naast het Centraal Station. Toch wilden we daar even een kijkje nemen met de boot. Wisten wij dat het IJ zo gevaarlijk kan zijn dat zelfs Jacques Cousteau deze trip niet had durven ondernemen.

Het IJ is schitterend, maar al snel werden we ingehaald door de grote golven en liep het water de boot in. En nog meer, en nog meer, en nog veel meer…

Wat ik me nog kan herinneren is dat Harm schreeuwde: “HOUD ELKAAR VAST! DE BOOT ZINKT!”

Mitko greep mij vast terwijl de boot in diezelfde seconde naar de bodem verdween. Ik kon niet zwemmen, ik had geen zwemvest om (stom stom stom) en het gat in mijn keel trok het water aan als een opgefokte Jihad strijder bij een Victory Secrets show.

Mitko hield mij stevig vast. Probleem was echter dat Mitko, van Bulgaarse afkomst, ook niet kon zwemmen! De Titanic hield de Titanic vast zou je kunnen zeggen..

Het is verbazend, haast ongelofelijk, dat hij mij toch heeft weten te redden. Dat zal ik niet gauw vergeten.

Mitko zonk nog sneller dan de boot en gooide mij over naar Harm. Ik was inmiddels onderkoeld, in shock en buiten bewust zijn geraakt.

Harm was ook in shock en hield het niet heel veel langer vol om zichzelf boven water te houden, met mij in zijn armen.

Paniek. Heel veel paniek.

Vincent was bezig mijn vriendin te redden. Mijn vriendin, van Taiwanese afkomst, is ook niet de beste in zwemmen. Dat de meeste mensen in Nederland kunnen zwemmen is niet zo vanzelf sprekend in andere delen van de wereld (inmiddels heeft ze zwemles genomen en kan ze zwemmen. Wel zo handig in Nederland).

Iets verderop vaarde een klein politie bootje. Oom agent en zijn collega’s zagen ons “zwemmen” en zette direct de politie pet op: “JA! Die kwajongens gaan we een prent geven. Hier mag NIET! gezwommen worden”.

Al snel zagen ze dat we niet voor ons plezier aan het dobberen waren en trokken ze aan de bel.

Groot alarm werd geactiveerd. Ambulances, brandweer, politie en de journalistiek arriveerden in no-time.

zwemmenij_v04Op weg naar het ziekenhuis. Ik voelde me gered, maar ook enorm stom.
Dit had niet hoeven te gebeuren.

Ieder van ons werd afgevoerd naar een ziekenhuis in de buurt. Ik moest een nachtje in het OLVG ziekenhuis blijven ter controle. Mijn ouders waren, ten eerste heel erg geschrokken, en ten tweede in de auto gesprongen en als de donder naar Amsterdam ge-schumacherd om ons allen te ondersteunen.

Uiteindelijk is mijn vader die nacht bij mij gebleven in het ziekenhuis.

Ik bijkomen van de schrik, en hij knipogen naar de vrouwelijke long arts.

Godzijdank hebben we het allen overleefd, zonder ernstige kleerscheuren. Ik vertel het wat luchtig maar dit was wel echt kantje boord…

Vier keer bijna dood

Het laatste verhaal, met de boot, heeft me met beide benen op de grond gezet. Het was totaal onverantwoord van mijzelf om in de boot te stappen. Zonder een zwemvest! Het is de houding “dat gebeurd mij toch niet” en “ik weet het zelf veel beter” die me bijna mijn leven heeft gekost.

Deze vier ervaringen hebben me ook doen realiseren dat het gevoel van zelfstandigheid één grote illusie is.

We hebben het vaak over hoe we zelfstandig moeten zijn en hoe we, koste wat het kost, een Self Made Man moeten zijn. Maar wat houd dat eigenlijk in een Self Made Man?

Diverse keren heb ik mogen ervaren dat ik geen Self Made Man ben. Ik HEB andere mensen nodig om door te kunnen, net zoals jij.

Want zonder de hulp van de dokter was ik bij mijn geboorte al overleden. Zonder de Baywatch actie van mijn vader was ik verdronken in bad één. Zonder mijn Opa en Oma, die mij met spoed naar het ziekenhuis hebben gebracht, lag ik misschien nu nog in coma.

En als ik niet zulke goede vrienden had die zonder na te denken mijn leven boven hun leven stelde…

Dan had je dit artikel waarschijnlijk niet gelezen.

##
De foto bovenaan dit artikel ben ik, elf dagen oud. Toen ik ter wereld kwam trok de dokter zo hard aan mijn been dat het uiteindelijk brak. Daarom was mijn eerste bedje niet thuis, maar in een couveuse.

– – – – –

Hoi! Mijn naam is Percy.

Mijn leven is GIGA veranderd toen ik de ‘juiste gewoontes‘ begon te implementeren die ik ‘leerde’ van mijn grote voorbeelden zoals Steve Jobs, Jim Rohn en Benjamin Franklin.

Welke vijf gewoontes dat zijn wil ik je graag in-depth laten zien:

Download hier de gewoontes die voor Percy groots impact hadden >>

 

Bedankt voor het delen van dit artikel!

 

Volg Percy op Facebook , Instagram